Aanleiding
Naar aanleiding van de duizendste opdracht die het architectenbureau van Friso Woudstra heeft gerealiseerd, is het idee ontstaan een boekwerk samen te stellen waarin het oeuvre vanuit zijn visie wordt belicht. In het boek ‘1001’ is de aandacht gericht op de nieuwbouwprojecten die Woudstra heeft uitgevoerd. Zijn portfolio restauratieprojecten is in een apart werk, Saxa Loquuntur, samengebracht.
Fascinatie voor oude gebouwen en vertaling naar ‘moderne’ huizen en complexen
Friso Woudstra is gedurende zijn gehele carrière een eigen weg gegaan, die van meet af aan is gestuurd door zijn fascinatie voor oude gebouwen.
Door zich van jongs af aan te verdiepen in de uitdrukkings¬vormen en oplossingen van het verleden, heeft Woudstra zich verschillende stijlen eigen gemaakt, waarin hij op en top ‘moderne’ woonhuizen en appartementen¬complexen ontwerpt. Restauratiepraktijk en nieuwbouw trekken interactief met elkaar op en beïnvloeden elkaar op speelse wijze. In de beste architectuurtradities heeft Woudstra zich als een eclecticus ontwikkeld: iemand die zijn voordeel doet met de meest aansprekelijke en passende vormen, onderdelen en technieken van dat driedimensionale leerboek dat Nederlandse architectuur heet. Woudstra laat zich daarbij leiden door een opmerkelijk gevoel voor decorum, dat in het verleden een belangrijk architectonisch uitgangspunt vormde: een inspiratiebron als de jaren dertig wordt niet geklutst met de invloed van Frank Lloyd Wright en deze weer niet met achttiende-eeuwse exercities of met een Jugendstilexperiment. Deze aanpak verzandt niet in rigiditeit, omdat Woudstra ondertussen Fingerspitzengefühl voor de overeenkomsten tussen de diverse stijlen heeft ontwikkeld. Daardoor ontmoet je af en toe in zijn werk een detail of element dat als een knipoog de verschillen overbrugt. De ene keer zie je dat in de vorm van een veranda of loggia, de andere keer in het metselverband.
Landhuis te Bosch en Duin, 2003.
Ontwerpmethode
Methodisch bezien, valt het op dat Woudstra met het eerste experiment vrij dicht bij het origineel blijft om de stijl goed in de vingers te krijgen en naarmate hij vordert steeds meer een losse, eigen interpretatie bereikt. Ook dit hangt af van het type gebouw: terwijl hij de grote landhuizen zo orthodox mogelijk ontwerpt – een vrij puristische toonzetting in achttiende en negentiende-eeuwse akkoorden – laat hij bij de Jugendstilpanden een sterk persoonlijke opdruk achter. Dit gevoel voor wat past bij welk type gebouw, geeft Woudstra de vrijheid om bij utilitaire gebouwen een zakelijke, modernistische weg in te slaan.
Is het een toevallige speling dat hij met deze aanpak ongewild het voorbeeld volgt van de man die het huis ontworpen zou hebben waar hij nu woont, Pierre J.H. Cuypers? Net zoals bij zijn illustere voorganger gaat het Woudstra niet om het botweg slaafs kopiëren van het verleden, maar om een steeds beter begrip op te bouwen en in een sportieve wedijver de bron steeds verder achter zich te laten. Daarbij blijft hij de Nederlandse traditie trouw door moderne constructie-methoden toe te passen als deze tot een soortgelijk of beter resultaat leiden dan wat in het verleden haalbaar was. Ook hier drukt Woudstra de voetsporen van Cuypers, die historische vormen vloeiend samen liet gaan met eigentijdse technieken, faciliteiten en comfort.
Een villa te Rozendaal, geinspireerd door het oeuvre van Frank Lloyd Wright, 2002.
Historische traditie
Om een beter begrip te krijgen voor de keuzes die Woudstra tijdens het ontwerpproces maakt, is het van belang om inzicht te krijgen in de stijlen en stromingen die als inspiratiebron hebben gediend. Het oeuvre van Woudstra is hierbij onderverdeeld op basis van de typologie van het pand, te weten landhuizen, Nieuw-Amerikaans, rietgedekte villa’s, jaren dertig, Jugendstil, appartementen en utiliteitsgebouwen. Bij elke groep objecten wordt een beeld geschetst van de historische vormentaal, gevolgd door een omschrijving en analyse van één of meerdere gerealiseerde projecten.
De teksten zijn opgesteld door dr Bernadette van Hellenberg Hubar en drs Don Rackham.